Voor informatie kunt u hieronder op een aantal onderwerpen klikken. Deze informatie is geschreven door (medisch) deskundigen.
Inleiding
Het spel
Bewegings- en belastingsanalyse
Blessures
Inleiding
Hoewel ijshockey als een "mannelijke" sport betiteld wordt, zijn er ook enkele damesteams. Een enorm beperkende factor voor het ijshockey in ons land is het gebrek aan ijsbanen, waardoor het aantal wedstrijden en trainingen zeer beperkt wordt.
Het beste ijshockey wordt gespeeld in Rusland en Tsjechoslowakije (amateurs) en in de Verenigde Staten en Canada (profs). In dit laatste land geldt ijshockey als de nationale sport.
Terug naar onderwerpen
Het spel
IJshockey is één van de snelste teamsporten, waarbij lichamelijk contact veelvuldig voorkomt en ook deels is toegestaan binnen de spelregels. Het team op het ijs bestaat uit 1 keeper, 2 verdedigers en 3 aanvallers. Doorgaans is een heel team samengesteld uit 2 keepers, 2 of 3 verdedigingsblokken en 2 of 3 aanvalslijnen. De verschillende blokken/lijnen wisselen voortdurend met elkaar, zodat na een (meestal extreme) inspanning een rustperiode ingelast kan worden.
Het spel wordt gespeeld met een "puck", een ronde schijf, gemaakt van gevulcaniseerd rubber en zwart van kleur. Deze harde schijf, die topsnelheden bereikt van 180 kilometer per uur, is 2.54 cm dik, heeft een diameter van 7.62 cm en weegt tussen de 156 en 170 gram.
De ijsbaan is verdeeld in drie vakken, het aanvalsvak, het middenvak en het verdedigingsvak.
De snelheid van het spel wordt zeer bevorderd door de "boarding" rondom het veld, een wand van hout of plexiglas, waardoor de puck vrijwel altijd op het ijs blijft.
Een wedstrijd duurt 3 x 20 minuten. Dit is zuivere speeltijd, hetgeen betekent dat bij het stilleggen van het spel ook de klok stilstaat. De totale speelduur bedraagt hierdoor 2 à 2,5 uur. Het spel wordt geleid door 1 scheidsrechter en 2 "linesmen". In tegenstelling tot vele andere sporten kan er bij het ijshockey direct gestraft worden na een zware overtreding. Spelers kunnen zonodig voor 2,5 of 10 minuten naar de strafbank worden verwezen.
Een ijshockeyspeler is normaliter uitgerust met goede beschermende kleding. Hij draagt handschóenen, een helm en onder zijn shirt beschermers voor schouders en ellebogen. De broek is groot met extra polstering van de nierloges en de heupen en bovenbenen. Onder de broek wordt de "toc" gedragen ter bescherming van de geslachtsdelen. De kousen bedekken knie- en scheenbeschermers. De schaatsen bieden op zich bescherming voor de enkels en de voeten. Tenslotte heeft iedere speler zijn eigen stick, die gemaakt is van hout.
Het dragen van gebitsbeschermers is niet verplicht maar wel zeer aan te raden. Veel spelers zijn hiertoe inmiddels overgegaan. De keeper beschermt zich nog eens extra tegen vooral de puck, die hem overal kan raken.
Terug naar onderwerpen
Bewegings- en belastingsanalyse
Ijshockey is een veelzijdige sport. De combinatie snelheid, kracht, behendigheid, incasseringsvermogen en (voornamelijk anaeroob) uithoudingsvermogen doet een groot beroep op de kwaliteiten van de sporter.
Een belangrijk aspect wordt gevormd door het schaatsen. Hierbij moeten korte afstanden zeer snel overbrugd worden met korte abrupte bewegingen; afremmen, aanzetten, achteruit schaatsen, korte bochten maken, enzovoorts. Tevens is een perfecte lichaamsbeheersing nodig om technisch goed het hockeygedeelte van het spel uit te voeren. De zogenaamde "stickhandling" kan pas na vele jaren training goed uitgevoerd worden.
Het hebben van een goede oog-hand coördinatie werkt daarbij zeer in het voordeel.
Vanzelfsprekend dienen alle ijshockeyers over een goede visus te beschikken.
Bij de vele lijf-aan-lijf duels met in extremo de "bodychecks" tegen de boarding is veel kracht nodig. Bij de topploegen wordt hier in de training dan ook veel aandacht aan besteed.
De inspanningsduur bedraagt meestal niet meer dan 1 minuut. Daarna wordt er weer gewisseld. Dit maakt het voor een speler mogelijk zich in die ene minuut volledig te geven en daarna weer op de bank uit te rusten. Er is dus sprake van een intervalbelasting met anaerobe pieken.
Keepers moeten een flitsend reactievermogen bezitten. Daarnaast moeten zij beschikken over een goede lenigheid omdat zij veelvuldig gebruik maken van een soort spagaatbeweging.
Al met al wordt technisch, tactisch en conditioneel veel gevraagd van een ijshockeyspeler.
Terug naar onderwerpen
Blessures
IJshockey is een snelle harde sport met veel lichamelijk contact. Dat hierdoor relatief veel blessures ontstaan wekt geen verwondering. Strenge regels en de plicht om goede en beschermende kleding te dragen hebben ervoor gezorgd dat de blessurefrequentie meevalt. Daarnaast kunnen algemene preventieve maatregelen het aantal blessures verder terugdringen. Hierbij moet gedacht worden aan een goede basisconditie, warming-up en cooling down en niet te vergeten een goede discipline.
De voornaamste oorzaak van ijshockeyblessures wordt gevormd door het incorrect omgaan met de stick en door botsingen (bodychecks) tussen twee spelers. Blessures door de puck zijn minder frequent maar kunnen wel ernstig zijn. Ook kwetsuren rechtstreeks door de schaats of door een val op het ijs nemen geen belangrijke plaats in.
Het meest geblesseerd zijn de buitenste aanvallers, die niet alleen door lichamelijk contact, maar ook door aanraking met de boarding geblesseerd kunnen raken.
De keepers lopen relatief minder gevaar, vooral door hun extra beschermende materialen.
Hoofd
De gevaarlijkste regio bij het ijshockey is het hoofd. In Canada zijn enkele dodelijke ongevallen geweest en verliezen elk jaar circa 20 spelers het gezichtsvermogen aan een oog. In Europa blijft de schade in deze regio beperkt.
Enkele veel voorkomende blessures in het gelaat zijn tongverwondingen (cave ademhalingsproblemen), neusfracturen, zygomafracturen en afgebroken of uitgeslagen tanden. Dit laatste wordt grotendeels voorkomen door het dragen van een gebitsbeschermer.
Veelvuldig ontstaan er kleine wondjes, voornamelijk rond de wenkbrauwen. Een goede eerste hulp voorziening is voor ieder team eigenlijk verplicht.
Schouder
Door confrontaties met ijs, boarding of tegenstander kunnen claviculafracturen en luxaties van het acromioclaviculaire en glenohumerale gewricht ontstaan. Een instabiele schouder maakt een ijshockeycarriëre onmogelijk tenzij operatief ingrijpen de stabiliteit herstelt.
Bovenbeen
Gevreesd wordt vooral de "Charley horse", het knietje in het bovenbeen. Hoewel deze blessure doorgaans pijnlijk is, geneest deze snel. Dit is niet het geval bij liesaandoeningen die door overbelasting en door een acuut moment kunnen ontstaan. Het onderhouden en verbeteren van de lenigheid van de adductoren en het kweken van goede buik- en rugspieren werken preventief.
Knie
Het razendsnelle keren en draaien leidt nogal eens tot band- of meniscuslaesies. Pas een volledig herstelde knie laat een terugkeer naar de wedstrijdsport toe. Bij een chronische instabiliteit moet ijshockey worden afgeraden.
Overigen
In het algemeen kunnen op het hele lichaam kneuzingen voorkomen, die slechts een goede eerste hulp behandeling behoeven. Een enkele keer worden aandoeningen gezien, die meer consequenties hebben zoals onderarmfracturen, navicularefracturen van de hand, mallet vingers en dergelijke.
Terug naar onderwerpen