Zoeken
header_left header_right

header_left Sportzorg adressen header_right

   Home > Sporttakken > Marathon

Dit artikel is geschreven door sportarts Don de Winter van het Medisch Centrum Haaglanden en voorzitter van de Vereniging voor Sportgeneeskunde.

Aanloopfase
De dag van de marathon
De marathon zelf
Na de marathon
Sportmedische problemen
Radiofragment

Aanloopfase
Tijdens inspanning - zoals bij het lopen van lange afstanden - spreekt het lichaam een tweetal energiebronnen aan, namelijk de vetten en koolhydraten. De vetvoorraad is overvloedig, zelfs bij afgetrainde marathon lopers met een laag vetpercentage. Belangrijker daarentegen is de koolhydraat voorraad, die met name in de vorm van glycogeen aanwezig is in de lever. Deze voorraad is echter niet voldoende voor de energieproductie tijdens een hele marathon, zodat een marathon loper ook tijdens het lopen energie tot zich zal moeten nemen in vaste of vloeibare vorm. Om de voorraad glycogeen zo groot mogelijk te laten worden kan men enkele dagen voor de marathon nog meer koolhydraten eten met name direct na een training. Deze koolhydraten zitten met name in graanproducten, zoetwaren en pasta's zoals spaghetti en macaroni.

De dag van de marathon
Kom uitgerust, op tijd en goed voorbereid naar de marathon toe. Slechts na een adequate voorbereidingsperiode, waarin ook afstanden die de marathon afstand benaderen gelopen dienen te worden, is men in staat om op een gezonde en verantwoorde wijze deze afstand af te leggen. Bekijk de weersomstandigheden en stem daar de kleding op af. Bij recente ziekten, griep of koorts perioden is het niet verstandig om zonder deskundig advies te gaan lopen; dit geldt ook bij twijfel over blessures. Op de marathon dag zelf zijn in het start/finish gebied deskundige artsen aanwezig om U op het laatste moment nog van advies te dienen.

De marathon zelf
Bedenk dat grote hoeveelheden vast voedsel niet binnen twee uur voor de start genuttigd moeten worden i.v.m. mogelijke maag/darm bezwaren. Wel is het verstandig al voor de start te beginnen met drinken, zeker bij warm weer. Het is namelijk gebleken, dat men tijdens het hardlopen vrijwel altijd te weinig vocht tot zich neemt; dit valt dan te merken aan de geringe productie van donkere sterk geconcentreerde urine. Gebruik daarom frequent (ongeveer 200 ml per 15 min) de aangeboden dranken e.d. bij verzorgingsposten. Het hierdoor ontstane tijdsverlies verdient zich terug door een blijvend beter prestatievermogen tijdens de marathon. De dranken dienen koel te zijn en van hypo- of isotone samenstelling. Om een indruk te krijgen van het totaal gewichtsverlies over de hele marathon kunt U zich voor en na de wedstrijd wegen (in eigen beheer). Het verschil tussen beide gewichten minus 1 kg is het totaal vochtverlies; dit is meestal meer dan U verwacht.

Na de marathon
Zoek een rustige, beschutte en veilige plaats op om uit te rusten, verwissel van kleding of sla extra kleding om en ga douchen. Probeer wat vast voedsel en drank tot U te nemen om sneller te herstellen. Bij problemen of blessures zijn er tot na sluitingstijd medische hulpverleners (Rode Kruismedewerkers, sportmasseurs, fysiotherapeut en sportarts) aanwezig, die U op een deskundige manier kunnen helpen. Er kan tevens gebruik gemaakt worden van de diensten van sportmasseurs (ook voor de start). Houdt er rekening mee dat bij grote drukte de lopers van de hele marathon voorrang krijgen. Gelieve wel even te douchen voor de massage ! 

Sportmedische problemen 

1] Onderkoeling: ontstaat door een combinatie van de looptijd, fysieke conditie, kleding, wind en luchtvochtigheid. De Lichaamstemperatuur bedraagt 34-36EC. De verschijnselen zijn: rillen, klappertanden, bleke koude huid. Behandeling dient te bestaan uit: opwarmen, droge kleding, warm inpakken met extra folie dekens.

2] Hittestuwing/zonnesteek: ontstaat door een te groot vochtverlies bij warm weer, te veel kleding, te weinig wind en te weinig vocht inname. De lichaamstemperatuur bedraagt 40-42EC. De verschijnselen zijn: kippevel, onwel voelen, duizeligheid en braken. behandeling dient te bestaan uit: koelen door ventilatie, nat sproeien, laten drinken en in de schaduw brengen. In ernstige gevallen is soms een infuus nodig.

3] Blessures: zoals kramp, peesirritatie, enkel of knie klachten is het veelal niet verstandig door te lopen. Overleg eerst bij een verzorgingspost over de juiste behandeling.

4] Coördinatie: op de dag zelf bestaat er een intensief contact tussen deze verzorgingsposten, de Ambulancedienst, de coördinerend artsen en de Marathon organisatie. Bij ernstige problemen (ook bij klimaat problemen zoals extreme hitte of smog vorming) wordt hiertussen overleg gepleegd en kan dit leiden tot een ander verloop van de marathon dag.

5] Keuring: bij bestaande ziekten zoals suikerziekte, asthma, hoge bloeddruk, maar ook bij overgewicht en hart-of vaatziekten in de familie is het verstandig regelmatig een sportkeuring te ondergaan bij een Sportpolikliniek van een Ziekenhuis, een SportMedisch Adviescentrum (SMA) of bij een geregistreerd sportarts.

  Het lopen van een marathon

Bron: sportarts Don de Winter, Medisch Centrum Haaglanden en voorzitter van de Vereniging voor Sportgeneeskunde


Heeft u vragen of opmerkingen over deze site? Mail ons: info@sportzorg.nl
SitemapStuur deze pagina naar een vriend   Print deze pagina
 
header_left Zoeker header_right

Helaas, u heeft de nieuwste flashplayer nodig om deze website te kunnen bezoeken. U kunt de player hier downloaden.


header_left Vragenlijst header_right

Ticker check
header_left Nieuwsbrief header_right

Ontvang onze gratis nieuwsbrief
Aanmelden voor de Sportzorg nieuwsbrief