De hartslagmeter is bijna niet meer weg te denken als trainingshulpmiddel bij het wielrennen. Hartslagmeters geven het aantal hartslagen per minuut aan. Trainingen en trainingsintensiteit kunnen hiermee vastgelegd en ook gestuurd worden. De trainings-intensiteit is afhankelijk van de daadwerkelijk geleverde prestatie, bijvoorbeeld uitgedrukt in fietssnelheid of met behulp van de moderne en duurdere vermogensmeting in Watt’s.
Deze snelheid of dit vermogen moet door het duurvermogen van het lichaam worden geleverd. Het lichaam wordt door het leveren van dit vermogen inwendig belast. Deze zogenaamde inwendige belasting van het duurvermogen is dan weer goed uit te drukken met de hartslag. Hoe zwaarder het lichaam wordt belast in zijn duurvermogen hoe hoger de hartslag. Als het lichaam maximaal wordt belast in zijn duurvermogen is de hartslag eveneens maximaal. Met deze maximale hartslag is het mogelijk zogenaamde hartslag-trainingszones vast te stellen. Daarnaast kan de maximale hartslag kan tevens gebruikt worden om vroegtijdig vermoeidheid en overtraining vast te stellen.
Meten van maximale hartslag
Hoe kan nu een maximale hartslag vast gesteld worden? In de eerste plaats is het van belang dat jouw hart maximaal wordt belast. Daarvoor is een maximale inspanning tot uitputting noodzakelijk. Dit kan nauwkeurig en gestandaardiseerd worden bepaald door middel van een speciale zogenaamde maximaaltest bij een (sport)arts, waarbij tevens beoordeeld wordt of er afwijkingen zijn aan het hart. Ook onder minder gestandaardiseerde omstandigheden kan je een goed idee van je maximale hartslag krijgen door als volgt te werk te gaan.
- Zorg dat je fit bent en goed uitgerust en fit bent
- Na warming-up fiets je gedurende 15 tot 20 minuten iets onder of op je optimale kruissnelheid (‘omslagpunt’).
- Begin een lange sprint door gedurende 2 tot 4 minuten (hiervoor heb je een afstand van 1 tot 2 km nodig) je snelheid geleidelijk op te voeren tot je uitgeput bent en de snelheid dus niet verder kunt opvoeren of handhaven.
- Het meest gemakkelijk is dit te doen met een hartslagmeter om. Indien deze een geheugen heeft kun je deze later aflezen. Indien deze geen geheugen heeft zul je deze moeten aflezen precies op het moment dat je moet stoppen.
- Het verdient de voorkeur om deze test een aantal keren te herhalen om een goed idee te krijgen van je daadwerkelijke maximale hartslag. Kleine dagelijkse verschillen kunnen optreden door bijvoorbeeld kleine verschillen in je motivatie (bereidheid om diep te gaan), die weer te maken kunnen hebben met een onvolledig herstel.
Bij de meeste mensen zal de maximale hartslag, afhankelijk van de leeftijd en de erfelijke aanleg tussen de 185 en 215 zijn. Er zijn diverse formules die de maximale hartslag kunnen schatten. De meest gebruikte formule is: 220 – leeftijd. Deze formule – evenals andere gehanteerde formules – is onbetrouwbaar en kan gemakkelijk 15 of zelfs nog meer slagen afwijken, afhankelijk van je erfelijke aanleg.
Belangrijk is het om te beseffen dat je maximale hartslag niets van doen heeft met je fietstalent of met je trainingstoestand. Sommige topwielrenners hebben een relatief hoge maximale hartslag, anderen een relatief lage. En hun trainingstoestand verandert daar niet veel aan.
Vermoeidheid en overtraining
De hoogte van de maximale hartslag is wel afhankelijk van eventuele vermoeidheid en overtraining. Indien je na een zware koers, trainingsstage of etappewedstijden bemerkt dat je minder gemakkelijk op je maximale hartslag komt is je lichaam nog steeds vermoeid en onvolledig hersteld. Er is dan niets verontrustends aan de hand omdat in verreweg de meeste gevallen zal het lichaam zich hiervan op natuurlijke wijze zal herstellen, eventueel door wat aanpassingen in het trainings of wedstrijdschema.
Indien je gedurende minimaal 3 weken of langer bemerkt dat je je maximale hartslag niet of niet meer zo gemakkelijk kunt halen, moet je rekening houden met een beginnende overtrainingstoestand of overreaching.
Hans Smid, sportarts