- Snel herstel met onze oefeningen
- Trainingsprogramma’s op maat
- Betrouwbare informatie van de sportzorgprofessional
Valgus Extensie Overload Syndroom (VEOS)
Valgus Extensie Overload Syndroom (VEOS) is een overbelastingsblessure van de elleboog als gevolg van schuif- en trekkrachten op de elleboog. Een VEOS is een veelvoorkomende blessure bij bovenhandse sporten, zoals werpsporten en tennis. Wat kun je eraan doen en hoe voorkom je deze blessure?
- Valgus Extensie Overload Syndroom (VEOS)
- Wat herstel je hiervan? Eerste hulp!
- Oefeningen voor valgus extensie overload
- Tips voor het opbouwen van de tennis service en pitchen
- Operatieve behandeling
- Hoe voorkom je herhaling
- Literatuur

Valgus Extensie Overload Syndroom (VEOS)
De elleboog bestaat uit 3 botten: de bovenarm (humerus), de ellepijp (ulna) en het spaakbeen (radius). Deze vormen elk met elkaar een gewricht.
Bij valgus stress, zoals tijdens het werpen van een bal, opent het ellebooggewricht aan de binnenzijde (door tractie) en komen de botten van de elleboog naar elkaar toe aan de buitenzijde (door compressie). Als dit optreedt bij een gestrekte elleboog, zoals tijdens het einde van de werpbeweging, botsen de twee botten aan de achterzijde van de elleboog tegen elkaar aan (schuifkracht).
VEOS is een overbelastingsblessure van de elleboog als gevolg van schuif- en trekkrachten op de elleboog. Hierbij ontstaan meer trekkrachten (tractie) aan de binnenzijde, meer compressiekrachten aan de buitenzijde en meer schuifkrachten aan de achterzijde van de elleboog. Hierdoor kunnen tractieletsels aan de binnenzijde, compressieletsels aan de buitenzijde en schuifkrachtletsels achterzijde ontstaan. Deze combinatie van letsels wordt VEOS genoemd.


Door tractie aan de binnenzijde ontstaat er rek op de ulnaris zenuw, op het mediale collaterale ligament (MCL, ‘binnenband’), de armbuigers (flexoren) en pronator (spiergroep die de onderarm naar binnen roteert), waardoor letsel kan ontstaan. Door druk aan de buitenzijde en schuifkrachten aan de achterzijde kunnen extra botvorming (osteofytvorming), osteochondraal defecten (kraakbeenschade) en losse stukjes kraakbeen of bot (corpora libera) ontstaan.
Door herhaaldelijke en krachtige bovenhandse bewegingen (valgus extensie overload) bij jonge sporters komt er veel kracht op de groeischijf aan de binnenzijde van de elleboog (mediale epicondyl). Bij kinderen is de groeischijf aan de binnenkant van de elleboog nog niet volledig gesloten en is de groeischijf relatief zwak, terwijl de spieren in de arm (polsbuigers) steeds sterker worden. Hierdoor kan de groeischijf van de mediale epicondyl overbelast raken. Dit wordt ook wel Little League elbow genoemd en komt veel voor bij jonge pitchers. Soms is er sprake van een breuk (avulsie fractuur of loslating van de groeischijf (apofysiolyse)). Een arts kan de diagnose stellen door gerichte vragen te stellen en de elleboog te onderzoeken.
Bij VEOS hebben sporters vaak pijn aan de binnenzijde en/of achterzijde van de elleboog bij het werpen of serveren. Soms zitten er losse stukjes bot of kraakbeen in de elleboog. Dit kan ervoor zorgen dat de elleboog 'op slot' zit of niet helemaal gestrekt kan worden.
Een röntgenfoto in verschillende richtingen is nuttig om te beoordelen of er extra botvorming (osteofytvorming) is of andere afwijkingen van het bot. Ook kan beoordeeld worden of er corpora libera zijn. Voor het beoordelen van de uitgebreidheid van de osteofyten en/of corpora libera kan het beste een CT-scan worden gemaakt. Bij een verdenking op MCL letsel is een MRI-scan het onderzoek van voorkeur. Op basis van deze bevindingen kan de behandeling verder gepersonaliseerd worden.
Meestal zijn bij de Little League elbow pijnklachten aan de binnenzijde van de elleboog tijdens werpen of serveren bij een jonge sporter. Als er een verdenking is op een Little League elbow, wordt standaard een röntgenfoto gemaakt. Bij 85 procent van de kinderen is op de röntgenfoto geen afwijking te zien. Een speciale soort MRI-scan kan worden gemaakt om de mediale epicondyl beter te beoordelen en de diagnose te bevestigen.
Lees ook: Schouder uit de kom, wat is het en hoe herstel je ervan?
Hoe herstel je hiervan? Eerste hulp!
Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. Meestal wordt eerst gekozen voor een behandeling met rustig opbouwende oefentherapie. Dit heeft vooral de voorkeur als er geen losse stukjes bot of kraakbeen in het gewricht zitten. Bij pijn aan de achter-binnenkant van de elleboog (posteromediale impingement) wordt soms een injectie gegeven met pijnstillers en ontstekingsremmers.
Bij de Little League elbow is het belangrijk om voldoende rust te nemen. Dat houdt in gemiddeld 3 maanden niet gooien of serveren. Soms is een gips om de arm noodzakelijk om volledige rust te creëren.
Daarnaast is het belangrijk om te kijken waardoor de blessure is ontstaan. Vaak komt het door te veel kracht aan de binnenkant van de elleboog (valguskracht). Factoren die dit veroorzaken, moeten worden aangepast (bijvoorbeeld een disbalans van de kracht van de schouderspieren, kort achterste schouderkapsel, afstaand schouderblad, matige rompstabiliteit en kracht van de bovenbeenspieren, suboptimaal gebruik van de kinetische keten en te hoge totale load of piek load). Vermijd tijdelijk bewegingen die pijn doen, vooral bovenhands gooien of slaan. Blijf zo fit mogelijk en begin met gerichte oefeningen om de hele arm sterker te maken.
Oefeningen voor valgus extensie overload
Stap 1. Functieoefeningen voor de schouder-elleboog-en pols en isometrische krachtoefeningen
In deze fase ligt de nadruk op het verbeteren van de aansturing van de armspieren door middel van isometrische krachtoefeningen, waarbij spierkracht wordt uitgeoefend terwijl de spier dezelfde lengte behoudt. Daarnaast is het belangrijk dat de functie van de schouder-elleboog- en pols wordt geoptimaliseerd.
Voorbeeld oefening: Achterste schouderkapsel rekken (sleepers stretch). Neem plaats in zijligging met de elleboog gebogen in een hoek van 90 graden. De handrug wijst hierbij naar boven. Strek de onderarm naar beneden om het achterste kapsel op te rekken. Zoek de maximale rek op en houd deze positie 45 seconden vast. 1x per dag 5x 45 seconden.


Voorbeeld oefening: Ga op de rug liggen en houdt het gewicht met gestrekte armen in de lucht. Laat vervolgens het gewicht zakken, zodat de ellebogen in een buigstand komen te staan. Houd deze positie 45 seconden vast. Daarna kan 2 minuten rust worden gehouden, waarna de volgende serie kan starten. Probeer in eerste instantie 70 procent van de 1RM kracht te gebruiken voor deze oefening en bouw het gewicht geleidelijk op als de oefening gemakkelijk gaat. De oefening kan zwaarder worden gemaakt door de ellebogen dieper te buigen of door het gewicht worden verhoogd. 1x per dag 5x 45 seconden.


Stap 2. Isotonische krachtoefeningen
Hierbij wordt de spier verkort en verlengd tijdens bewegingen. Dit draagt bij aan de opbouw van spierkracht.
Voorbeeldoefening: Laat de elleboog rusten op een tafel, armleuning of bovenbeen en laat de pols en hand uitsteken over de rand. De oefening kun je ook staand uitvoeren met een gebogen elleboog. Houd het gewicht in de vuist met de handrug naar boven en draai de vuist langzaam in 3-4 seconden tot de handpalm boven is en daarna langzaam in 3-4 seconden weer terug. Probeer in eerste instantie te starten met 1-2 kg voor deze oefening en bouw het gewicht geleidelijk op als de oefening gemakkelijk gaat. De oefening kan zwaarder worden gemaakt door het gewicht te verhogen of door een voorwerp te gebruiken met een langere arm (zoals bijvoorbeeld een hamer). 1x per 2 dagen 3x 15 herhalingen.
Als de onderhandse oefeningen minimaal één week goed gaan, kun je bovenhandse oefeningen toevoegen.


Stap 3. Plyometrie
Deze fase richt zich op het trainen van het energieopslagsysteem.
Voorbeeld oefening: Ga tegenover een muur staan met de elleboog in een hoek van 90 graden in werppositie. Houdt de elleboog dicht bij de muur. Het doel is om de bal (beginnend met 0.5 kg) snel tegen de muur te kaatsen terwijl je deze positie behoudt. De intensiteit van de oefening kan worden verhoogd door het gewicht van de bal te vergroten of door het aantal series te verdubbelen van 3x15 herhalingen naar 6x15 herhalingen. 1x per 3 dagen 3x15 herhalingen.


Stap 4. Sport-specifieke oefentherapie
In deze fase gaat de aandacht uit naar sport-specifieke oefentherapie. Dit wisselt per type sport.
Als je alle fasen van de oefentherapie succesvol hebt doorlopen, kun je de sportbelasting geleidelijk opbouwen.
Tips voor het opbouwen van de tennis service en pitchen
Als alle fasen van de oefentherapie zijn afgerond en er geen pijnklachten meer zijn, kun je de service/ pitchen opbouwen.
Tennis: service opbouw programma (voorbeeld vanuit de WTA tour):
| Dag | Type service | Aantal en intensiteit |
| 1 | Slice | 30 herhalingen op 50% |
| 2 | Slice | 35 herhalingen op 50% |
| 3 | Rust | |
| 4 | Slice + vlak | 35 herhalingen op 75% |
| 5 | Slice + vlak | 40 herhalingen op 75% |
| 6 | Rust | |
| 7 | Slice + vlak + kick | 2 x 25 herhalingen op 75% |
| 8 | Slice + vlak | 2 x 25 herhalingen op 100% |
| 9 | Slice + vlak + kick | 60 herhalingen op 100% |
| 10 | Rust | |
| 11 | Slice + vlak + kick | 2 x 35 herhalingen op 100% tijdens oefen punten |
| 12 | Slice + vlak + kick | 2 x 40 herhalingen op 100% tijdens oefen set |
| 13 | Slice + vlak + kick | 2 x 25 herhalingen op 100% |
| 14 | Slice + vlak + kick | 2 x 40 herhalingen op 100% tijdens oefen set |
| 15 | Rust | |
| 16 | Slice + vlak + kick | 100% tijdens oefenwedstrijd |
| 17 | Slice + vlak + kick | 2 x 30 herhalingen op 100% |
| 18 | Slice + vlak + kick | 100% tijdens oefenwedstrijd |
| 19 | Slice + vlak + kick | 2 x 45 herhalingen op 100% |
| 20 | Slice + vlak + kick | Hervatten normale trainingsprogramma |
Honkbal: interval gooi programma (voorbeeld vanuit de Major League):
| Week | Fase | Feet | Aantal worpen | Aantal keer per week |
| 1 | 1 | 30 | 2x25 | 3 |
| 2 | 2 | 45 | 2x25 | 3 |
| 3 | 3 | 60 | 2x25 | 3 |
| 4 | 4 | 75 | 2x25 | 3 |
| 5 | 5 | 90 | 3x25 | 2 |
| 6 | 6 | 105 | 3x25 | 2 |
| 7 | 7 | 120 | 3x25 | 2 |
| 8-10 | 8 | 135 | 3x25 | 2 |
Honkbal: interval gooi programma (voorbeeld vanuit de Major League):
Operatieve behandeling
Een operatie kan een optie zijn als een niet-chirurgische behandeling onvoldoende effect heeft. De operatie bestaat uit het schoonmaken of uitruimen van de achterkant van de elleboog en kan zowel open als artroscopisch (kijkoperatie) worden uitgevoerd. De meeste wetenschappelijke literatuur gaat over de artroscopische techniek. In sommige gevallen is ook een reefplastiek of reconstructie van de mediale band (MCL) nodig. De succespercentages van dit soort ingrepen variëren van 70-98 procent. De nabehandeling en de herstelduur zijn afhankelijk van het type uitgevoerde operatie.
Hoe voorkom je herhaling?
Hoewel deze blessure niet altijd te voorkomen is, kun je de kans erop wel kleiner maken. We geven hiervoor de volgende tips:
- Geleidelijk opbouwen van de sportbelasting (pieken in belasting vermijden).
- Warming-up en cooling down.
- De sleepers stretch blijven doen.
- Zorgen voor sterke schouder-, elleboog- en polsspieren. Doe hiervoor 3x per week oefeningen (bijvoorbeeld het throwers 10 programma).
- Let erop dat de bovenhandse beweging tijdens het sporten niet alleen vanuit de arm komt, maar gebruik hierbij de romp- en bovenbeenspieren voor de versnelling.
- Overweeg een lichter racket of andere vorm racket (niet topzwaar).
- Een compressie sleeve kan helpen ter ondersteuning.
- Let op voldoende hersteltijd na trainingen en wedstrijden. Houdt als pitcher rekening met de maximaal geadviseerde pitch count:
| Leeftijd | Maximaal aantal pitches tijdens wedstrijden | 0 dagen rust | 1 dag rust | 2 dagen rust | 3 dagen rust | 4 dagen rust | 5 dagen rust |
| 7-8 | 50 | 1-20 | 21-35 | 36-50 | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. |
| 9-10 | 75 | 1-20 | 21-35 | 36-50 | 51-65 | 66+ | n.v.t. |
| 11-12 | 85 | 1-20 | 21-35 | 36-50 | 51-65 | 66+ | n.v.t. |
| 13-14 | 95 | 1-20 | 21-35 | 36-50 | 51-65 | 66+ | n.v.t. |
| 15-16 | 95 | 1-30 | 31-45 | 46-60 | 61-75 | 76+ | n.v.t. |
| 17-18 | 105 | 1-30 | 31-45 | 46-60 | 61-80 | 81+ | n.v.t. |
| 19-22 | 120 | 1-30 | 31-45 | 46-60 | 61-80 | 81-105 | 106+ |
Literatuur
- Wong et al. Elbow Injuries in Adult Overhead Athletes. AJR Am J Roentgenol. 2017 Mar;208(3):W110-W120.
- Fleisig et al. Kinetic comparison among the fastball, curveball, change-up, and slider in collegiate baseball pitchers. Am J Sports Med 2006; 34:423–430.
- Upper Extremity Injury Interval Return To Play Program WTA Tour.
- Casadei K et al. Proximal humeral epiphysiolysis 2023 Apr 3. In: StatPearls
- Brogdon et al. Little leaguer’s elbow. Am J Roentgenol Radium Ther Nucl Med. 1960;83:671–5.
- Zellner B et al. Elbow injuries in the young athlete – an orthopedic perspective. Pediatr Radiol. 2013;43 Suppl 1:S129–34.
- Banks KP et al. Overuse injuries of the upper extremity in the competitive athlete: magnetic resonance imaging findings associated with repetitive trauma. Curr Probl Diagn Radiol. 2005;34(4):127–42.
- Hang D et al. A clinical and roentgenographic study of Little League elbow. Am J Sports Med. 2004;32(1):79–84.
- Wei A et al. Clinical and magnetic resonance imaging findings associated with Little League elbow. J Pediatr Orthop. 2010;30(7):715–9
- Frush et al. Peri-epiphyseal and overuse injuries in adolescent athletes. Sports Health. 2009;1(3):201–11.
- Interval throwing program:
Interval Throwing Program Massachusetts General Hospital
Interval Throwing Program (Return to Throwing) van Department of Orthopaedic Surgery and Sports Medicine
Return to Throwing Program van Brigham and women's hospital
Auteurs
Dit artikel is geschreven door: Femke Claessen, MD PhD, Sportarts in het Erasmus MC en bij de KNLTB (bondsarts padel).

Denise Eygendaal, Professor MD PhD, Orthopedisch chirurg en Afdelingshoofd Orthopedie & Sportgeneeskunde in het Erasmus MC
Foto’s en voorbeelden door Jesper Put en Martijn van den Hoed, fysiotherapeuten van de KNLTB
Meer informatie: www.eurecaelbow.com